Body Mass Index (BMI)

/ / Diverse Achtergrondartikels

Bereken je BMI via onze rekenmodule

De BMI – Body Mass Index (of Quetelet-Index), is een index die de verhouding weergeeft tussen het lichaamsgewicht en de lichaamslengte.Als je wil weten in welke “vorm” je zit, is de Body Mass Index (BMI) of Quetelet Index een nuttig instrument. Het zal je vertellen of je een gezond gewicht hebt ten opzichte van je gestalte. Voer in de BMI calculator je lengte en gewicht in, klik Metrisch of Imperiaal, en daarna bereken.Onthou echter dat deze informatie slechts een aanwijzing geeft, en gericht is op gezonde volwassenen. Deze calculator is niet geschikt voor kinderen, jonge mensen, zwangere vrouwen of ouderen.Ook als je goed-ontwikkelde spieren bezit, kan het zijn dat je in de categorie van overgewicht valt, terwijl je eigenlijk een gezonde lichaamsvorm hebt met zeer weinig vetmassa.

In elk geval, wat de uitkomst ook is, onthou dat het belangrijkste is dat je je emotioneel goed in je vel voelt!!! Daarnaast zijn een gezonde voeding en evenwichtige levenswijze van belang. Centrum ‘ES’ – Instituut voor Bodymind Integration heeft een efficiënt programma om dit te ondersteunen.

 

De BMI is een maat voor overgewicht of ondergewicht. Volgens de wereldgezondheidsorganisatie zou bij gezonde personen het getal tussen de 18,5 en 25,9 kg/m2 moeten liggen. Naargelang je gewichtsverlies of -toename daalt of stijgt je BMI.


Om je huidige BMI te berekenen kan je via deze module werken


Omtrent Genderspecifieke aspecten van gezondheid en gezondheidszorg kan je de volgende tekst raadplegen: “Vrouwen worden ziek, mannen sterven”

Hoe is de BMI (Quetelet) Index ontstaan?Adolphe Quetelet was een (Belgische) wiskundige die eind 19de eeuw een index ontwikkelde om een beschrijving te kunnen geven van verschillende bevolkingsgroepen. Zijn index, de Quetelet Index, gedefinieerd als gewicht gedeeld door lengte in het kwadraat (kg/m2), wordt tegenwoordig in de wetenschappelijke literatuur vaker beschreven als de‘body mass index’ (BMI).
Je kunt de BMI dus beschouwen als een gewicht dat gecorrigeerd is voor lichaamslengte. Uit medisch-epidemiologisch onderzoek is gebleken dat er een duidelijk verband bestaat tussen het ziekte- en sterfterisico (met name hart/vaatziekten) en BMI. De achtergrond hiervan is dat bij een verhoogde BMI het lichaamsvetpercentage verhoogd is. Dit verhoogde lichaamsvetpercentage heeft via een aantal fysiologische mechanismen invloed op onder andere het cholesterolgehalte in het bloed, de bloeddruk en het bloedsuikergehalte.
Deze cijfers geven echter slechts een indicatie van mogelijk overgewicht. Om te bepalen of er echt sprake is van obesitas, moet men ook nog andere metingen verrichten – metingen waarmee men het percentage van de vetmassa exact kan bepalen. Het is immers het teveel aan vet dat een risicofactor vormt.Ideale Lichaams Gewicht – BMI – Body Mass Index
De Body Mass Index is gelijk aan het lichaamsgewicht in kilogrammen gedeeld door het kwadraat van de lengte in meters ofwel BMI = G / (L * L). Het maximale ideale lichaamsgewicht van een persoon (gebaseerd op de norm van een BMI van 25) is dus 25 keer het kwadraat van uw lengte, ofwel 25 * L * L.
In 1995 hebben de U.S. National Institutes of Health en de American Health Foundation nieuwe richtlijnen uitgegeven die het ideale, gezonde lichaamsgewicht definieren als een Body Mass Index (BMI) onder de 25. In een studie bleek, dat 59% van de Amerikanen boven deze norm zat. Een beoordeling van de vlaamse populatie vindt u hier:http://www.wvc.vlaanderen.be/gezondheidsindicatoren/GI2000/BMI_bij_volwassenen.htmUit de Belgische Gezondheidsenquête van 2001 ( www.iph.fgov.be/epidemio/epinl/index4.htm) is gebleken dat niet minder dan 44% van de Belgen met overgewicht kampt. In 1997 was dit 40%. Bij 11% van de mensen met overgewicht in 2001 was er zelfs sprake van ‘obesitas’ (= ernstig overgewicht, meer dan 15 kilo te zwaar).
Er is een stijgende trend van mensen die lijden aan overgewicht.
Ondergewicht (BMI kleiner dan 18,5) komt voor bij 7% van de bevolking.
Het aantal personen met een BMI boven 25 (overgewicht) stijgt met de leeftijd, met een lichte daling na 65 jaar. Een piek van 62,7% personen met een BMI boven 25 ligt in de leeftijdsklasse tussen 55 en 64 jaar.
Met de toename van het opleidingsniveau daalt het percentage van personen met een BMI boven 25. 70% van de personen zonder diploma en 27% van de bevraagde personen met een diploma hoger onderwijs hebben een BMI boven 25.

Voor de werkende bevolking werd in 2000 door IDEWE ( www.idewe.be ) vastgesteld dat bijna 40% van de werkende vrouwen en 52% van de werkende mannen een te veel aan gewicht te dragen hebben. Dit zijn cijfers die elk jaar verder stijgen.

“Modisch” vs. “Medisch”
Er bestaat een groot verschil tussen het ideale “modische” gewicht en het ideale “medische” lichaamsgewicht!
Het “modische” slaat op uw figuur en uw slanke lijn. Ruim 50% van de westerse vrouwen (en een groot aantal mannen) zijn hier dagelijks mee bezig.
Vele mensen vergelijken hun uiterlijk met wat in de mode is en als “mooi” wordt ervaren. Je als “Mooi” ervaren ontstaat in onze visie uit het ontplooien van je potentieel (innerlijk en uiterlijk). Daarbij zijn lichamelijke fitheid, emotionele intelligentie en relationele vaardigheden van wezenlijk belang. In de lichaamsgerichte cursussen die we aanbieden (zoals bio-energetisch lichaamswerk), streven we naar een harmonizering van lichaam, emoties en gedachten, waardoor we meer naar onze genetisch bedoelde veruiterlijking kunnen groeien.

Het “medisch” ideale gewicht bepaalt niet of je mooi bent of aan de gangbare mode-eisen voldoet, maar slaat op de gezondheidsrisico’s die je loopt. Je zal begrijpen, dat wij hier over de “medische” variant spreken.

Bedenk wel, dat deze berekening slechts een indicatie weergeeft en dus geen (medische) diagnose is.
Voor gezondheidsproblemen moet U altijd een arts raadplegen!!

Vraag: Met BMI 26 val ik net binnen de klasse “overgewicht”. Wordt hier rekening mee gehouden dat ik aan fitness doe en dus al stevig wat spiermassa heb bijgekregen?
In sommige gevallen is de interpretatie van de BMI index begrenst.
Een eerste voorbeeld: de BMI verduidelijkt niet waar het overgewicht (indien er één is) zich situeert. Het teveel aan gewicht dat zich situeert ter hoogte van de buik vertegenwoordigt niet dezelfde risico’s voor de gezondheid als het teveel aan gewicht ter hoogte van de heupen.
De BMI houdt ook absoluut geen rekening met de lichaamsverdeling. Ons lichaam en dus ons gewicht is de som van 4 lichaamsverdelingen. We onderscheiden namelijk: het skelet, water, de spieren en het vetkapitaal.
Voorbeeld: twee personen van een zelfde geslacht, dezelfde leeftijd, met een zelfde gewicht en dezelfde grootte. Ze hebben dus dezelfde BMI, namelijk 27, zij situeren zich met andere woorden in de categorie van “overgewicht”. Persoon B doet aan spierkrachttraining doen en persoon A doet nauwelijks aan sport. Vanuit medisch opzicht zal hun BMI verschillend worden verklaard. Persoon A, zal een teveel hebben in het vetgedeelte en heeft dus overgewicht. Daartegenover zal persoon B zijn spierkapitaal ontwikkeld hebben en is haar/zijn “overgewicht” te wijten aan een spierhypertrofie. Uit medisch standpunt wordt hier de BMI niet aanzien als overgewicht.
Om de spier- of vetverdeling te meten, gebruiken de dokters of kinesitherapeuten een speciale tang – de Harpenter tang – om de huidplooien te meten of gebruiken ze een impedantiemeter.
Sommige weegschalen geven niet enkel het lichaamsgewicht weer, maar eveneens het vetgehalte en de vethoeveelheid van het lichaam.

TOP